Wederom een goede nachtrust achter de rug. In tegenstelling tot mijn knorrende (lees: licht snurkende) kamergenoot, heb ik zeer weinig hinder ondervonden van de overige jeugdherbergbewoners. Het probleem is dat alle kamers (zo'n 20-tal) allemaal aan dezelfde centrale gang grenzen, en dat onze kamer dicht aan de receptie en de toegang naar de douches en toiletten grenst. Iedereen wandelt hier dus continu voorbij, sommigen geruisloos, anderen als een kudde bronstige elanden. Elanden, daar kom ik straks nog op terug.
Na het moeizame ontwaken nog vlug even een frisse neus gaan opsnuiven, alvorens van start te gaan aan het ontbijt. Ik begrijp niet goed wat er hier in Noorwegen niet begrepen wordt aan het woord "ontbijt". Het houdt volgens mij het volgende in: broodjes, goede boter, kaas of ander degelijk broodbeleg, een gekookt eitje of wat vlees en daarnaast nog wat fruitsap of appelsap. Ook hier in Stavanger ontbreekt er wat: lekkere broodjes en fruit- of appelsap. Dik gesneden warm bruin brood met zoveel dikke graankorrels in, dat mijn tanden maalstenen van een oude windmolen moesten nabootsen om toch nog maar wat binnen te kunnen spelen. Met zo een noeste kauwintensieve arbeid vergeet een mens wel eens te genieten van de smaak van het gesmeerde beleg. Ach, Noorwegen grenst en Rusland en dat zal de oorzaak wel zijn!
Gisterenavond hadden we het idee om de oorspronkelijke planning die we enkele weken voordien hadden klaargestoomd links te laten liggen. Een nieuw plan werd gesmeed om naar Preikestoelen te wandelen. Voor de niet-kenners: een rots van 25 meter op 25 meter, 600 meter hoog hangend boven de Lysefjord. Twee uur van de Preikestolen-parking, en dat voor een enkele rit. Het weer was echter niet optimaal, en mijn Lonely Planet-gids (de meest betrouwbare in zijn soort) vermeldde dat de wandeling nog al steil was, met oversteekjes op klifachtige rotsen. Ik durf op een stoel staan, op een tafel en op een ladder, maar kliffen die honderden meters boven een fjord hangen laat ik liever aan me voorbij gaan. Gevolg: "PLAN B". Dit plan zou ons met de wagen naar Lysebotn brengen, en met de boot terug naar Stavanger.
De rit naar Lysebotn zou ik met veel tralala en gezwans kunnen navertellen, maar korter samengevat zou het als volgt klinken: mooie uitzichten, soms laag boven de zeespiegels, soms 900 meter boven diezelfde zeespiegel, soms wat wind en te koud, af en toe wat zon en te warm. Komt er nog bij dat we 900 meter afdaalden met behulp van 32 haarspeldbochten. Lotte vreesde dat ze het niet zonder braken ging redden, maar een volwaardig chauffeur (sorry Wouter H. ; mijn rijstijl blijkt van het inferieure type te zijn) bracht haar veilig tot aan de aanlegsteiger van de ferry die ons via de Lysefjord zou terugbrengen naar Stavanger.
Een tamelijk saaie bootreis was het. Twee of drie leuke momenten beleefd: het varen onder Kjerag, het varen onder Preikestolen en het oppikken van de 1 of andere vreemde wandelaar op een aanlegsteiger die eigenlijk geen echte aanlegsteiger was. Voorts zat de boot nog vol met wat chauvinistische Fransen ("ik spreek geen Engels") en zatte Zwitsers. Verder nog wat bootpersoneel onder wie een bevallige jongedame met twee haarstijlen van wie ik zeker niet het GSM-nummer mocht vragen. Althans niet van Lotte.
Na de boottrip maar terug naar de jeugdherberg gereden om een kleine maaltijd te bereiden. Nog geen stap binnengezet in de keuken, troffen we nog een goedlachse Nederlandssprekende eland aan. Alvast nog een paar conversaties met haar gevoerd, nadat ze eerst dacht dat we Denen of Duitsers waren.
Verder nog een rustige avond gehad, lekker gedoucht en mijn foto-apparatuur gereinigd. Het was me het dagje wel!!!